Volgens de Arbowet moet elk bedrijf beleid vastleggen rond bijvoorbeeld werkdruk, ongewenst gedrag en meldprocedures inclusief verslaglegging en jaarlijkse evaluatie.
Werkgevers zijn verplicht om werknemers goed te informeren over de gevaren van de stoffen waarmee ze werken en hen te leren hoe ze veilig kunnen handelen. Dat begint met het bijhouden van een gevaarlijke stoffenregister. Werkgevers leggen hierin vast met welke gevaarlijke stoffen wordt gewerkt. Dit is gebaseerd op de informatie uit de veiligheidsinformatiebladen (VIB’s) die door de fabrikant, leverancier of importeur worden verstrekt. Op basis van deze informatie kunnen risico’s worden beoordeeld en passende maatregelen worden genomen. Met hulpmiddelen zoals de SSA kunnen werkgevers producten met gevaarlijke stoffen registreren en eenvoudig actuele Veiligheidsinformatiebladen (VIB’s) terugvinden.
Nee, meestal is speciale opslag vereist, zoals veiligheidskasten of aparte opslagvoorzieningen.
Denk aan brandwerende kasten, lekbakken, ventilatie, blusmiddelen en goede etikettering.
Stoffen die met elkaar kunnen reageren, zoals zuren en basen, of brandbare en oxiderende stoffen, moeten gescheiden worden bewaard. Ook gasflessen moet apart worden opgeslagen.
Omdat verkeerd opgeslagen stoffen bijvoorbeeld brand, explosies, milieuverontreiniging of gezondheidsrisico’s kunnen veroorzaken.
Dat is het opslaan van stoffen die risico’s kunnen opleveren voor gezondheid, veiligheid of milieu, zoals brandbare vloeistoffen, gassen of chemicaliën.
Controleer je zithouding en zorg voor voldoende afwisseling tijdens je dag.
Volgens de wet is gehoorbescherming dragen verplicht vanaf 85 dB.
In de praktijk de werkgever, aangezien die verantwoordelijk is hiervoor. Bij een inspectie kijkt de Nederlandse Arbeidsinspectie niet naar de volledige RI&E, maar worden de onderdelen gecontroleerd die relevant zijn voor de situatie.